In 1952 richtte de Nederlandse overheid de Bescherming Bevolking op: een vrijwillige organisatie die de bevolking moest beschermen bij een gewapend conflict of een nucleaire aanval. De BB, zoals de organisatie kortweg heette, was een directe reactie op de dreiging van de Koude Oorlog en speelde een grote rol in de civiele verdediging van Nederland.
Wat was de Bescherming Bevolking precies?
De BB was geen legeronderdeel, maar een civiele organisatie. Ze was onderdeel van de bredere civiele verdediging van Nederland. Het doel was om gewone burgers te helpen bij rampen, aanvallen of andere noodsituaties in oorlogstijd. Denk aan het verlenen van eerste hulp, het redden van mensen uit panden, het bestrijden van branden en het organiseren van evacuaties.
De organisatie werkte grotendeels met vrijwilligers. Mensen die zich aanmeldden, kregen een opleiding en uitrusting van de overheid. Zo was er in heel Nederland een netwerk van opgeleide vrijwilligers beschikbaar die snel konden handelen als dat nodig was.
Waarom werd de BB opgericht?
Na de Tweede Wereldoorlog groeide de spanning tussen het Westen en de Sovjet-Unie snel. De dreiging van een nieuwe oorlog, mogelijk met nucleaire wapens, was reëel. De Europese landen om Nederland heen bouwden allemaal aan civiele beschermingsorganisaties. Nederland deed dat ook. In 1952 werd de BB officieel opgericht om de bevolking in geval van oorlog te kunnen beschermen.
De oprichting paste in een breder patroon van naoorlogse veiligheidsdenk in West-Europa. Landen als België, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk hadden vergelijkbare organisaties. De gedachte was: een leger beschermt de grenzen, maar wie beschermt de burgers als er bommen vallen?
Hoe werkte de organisatie in de praktijk?
De BB was verdeeld over het hele land. Er waren lokale afdelingen die elk hun eigen taken en verantwoordelijkheden hadden. Vrijwilligers kregen trainingen in onder meer brandbestrijding, reddingswerk, eerste hulp en het omgaan met chemische of radioactieve stoffen.
Naast de mensen waren er ook materialen: schuilkelders, voertuigen, uitrusting en communicatiemiddelen. De overheid investeerde flink in de infrastructuur van de BB. Veel van die schuilkelders en gebouwen zijn inmiddels verdwenen of verbouwd, maar sommige zijn nog altijd herkenbaar als erfgoed uit de Koude Oorlog.
Wat deed de BB buiten oorlogstijd?
Ook in vredestijd bleef de BB actief. De vrijwilligers hielden oefeningen, namen deel aan noodplannen en stonden soms bij bij grote rampen of ongelukken. De BB vervulde daarmee ook een rol die vergelijkbaar is met wat tegenwoordig de brandweer, de politie en andere hulpdiensten doen.
De oefeningen waren soms grootschalig. Gemeenten en provincies werkten samen met de BB om noodscenario’s door te spelen. Zo bleef de kennis en de samenwerking op peil, ook als er geen directe dreiging was.
Wanneer hield de Bescherming Bevolking op te bestaan?
Aan het einde van de Koude Oorlog verloor de BB langzaam haar bestaansreden. De politieke spanning nam af en de kans op een grootschalig militair conflict in Europa leek steeds kleiner. Dat had gevolgen voor het draagvlak en de financiering van de organisatie.
Uiteindelijk werd de BB opgeheven. De taken die de organisatie uitvoerde, werden overgenomen door andere instanties, zoals de brandweer, gemeentelijke diensten en later de veiligheidsregio’s. Het erfgoed van de BB, waaronder gebouwen, materialen en archieven, wordt nu deels beheerd en onderzocht door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.
Het erfgoed van de BB
De Bescherming Bevolking heeft ook tastbare sporen nagelaten. Er is zelfs een museum aan gewijd: het Museum Bescherming Bevolking. Daar is te zien hoe de organisatie werkte, welke uitrusting er was en wat de BB betekende voor gewone Nederlanders tijdens de Koude Oorlog.
De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed onderzoekt welke objecten en locaties van de BB bewaard moeten blijven als historisch erfgoed. Schuilkelders, voertuigen en uniformen vertellen het verhaal van een periode waarin Nederland zich serieus voorbereidde op het ergste.
Wat kun je nog terugvinden van de BB?
- Het Museum Bescherming Bevolking, met originele uitrusting, uniformen en documenten
- Voormalige schuilkelders en BB-gebouwen, verspreid over het land
- Archieven bij gemeenten en het Nationaal Archief
- Onderzoek van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed naar bewaard erfgoed
- Foto’s en filmmateriaal uit oefeningen en campagnes van de BB
De BB is een bijzonder stuk Nederlandse geschiedenis. Ze laat zien hoe een samenleving omgaat met dreiging en hoe vrijwilligers een sleutelrol konden spelen in de nationale veiligheid. Wie meer wil weten, kan terecht bij het museum of de openbare archieven.
Veelgestelde vragen
Wanneer werd de Bescherming Bevolking opgericht en waarom?
De Bescherming Bevolking werd in 1952 opgericht door de Nederlandse overheid. De reden was de dreiging van de Koude Oorlog: de spanning tussen Oost en West maakte een nieuwe oorlog, mogelijk met nucleaire wapens, denkbaar. De BB moest de burgerbevolking beschermen als dat conflict werkelijkheid zou worden.
Was de BB een vrijwilligersorganisatie of een overheidsinstelling?
De BB was beide. Ze werd opgericht en gefinancierd door de overheid, maar werkte grotendeels met vrijwilligers. Die vrijwilligers kregen trainingen en uitrusting van de staat, maar waren geen beroepsmilitairen of ambtenaren.
Welke taken voerde de Bescherming Bevolking uit?
De BB hield zich bezig met reddingswerk, eerste hulp, brandbestrijding, evacuaties en het omgaan met gevaarlijke stoffen zoals chemische of radioactieve materialen. Zowel in noodsituaties als tijdens vredesoefeningen waren deze taken het dagelijkse werk van de vrijwilligers.
Is er nog iets over van de Bescherming Bevolking?
Ja. Er is een museum gewijd aan de BB, het Museum Bescherming Bevolking, met originele materialen en documenten. Daarnaast onderzoekt de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed welke locaties en objecten bewaard moeten blijven als erfgoed van de Koude Oorlog.
Wie heeft de taken van de BB overgenomen na de opheffing?
Na de opheffing van de BB zijn haar taken verdeeld over bestaande hulpdiensten. De brandweer, gemeentelijke diensten en later de veiligheidsregio’s namen de verantwoordelijkheid over voor civiele bescherming en rampenbestrijding in Nederland.